Oost-Duitse spiegelkarpers in Zutphense IJssel
door Sander Grootendorst
ZUTPHEN - 25 oktober 2001 - De IJssel is sinds gisteren driehonderd kilo aan spiegelkarpers rijker. Aan de Vispoortstraat in Zutphen zijn ze te water gelaten. De spiegelkarper, een variëteit van de gewone karper, is de laatste jaren zeldzaam geworden. Reden voor Karper Studiegroep Nederland (KSN) om in te grijpen.
Voorzitter Aart Lokhorst van KSN-afdeling Zwolle noemt ze vertroetelend ‘spiegeltjes‘: ze zijn te herkennen aan de twee of drie rijen glanzige schubben op hun verder naakte huid. Spiegelkarpers zijn veruit in de minderheid vergeleken bij de schubkarper. Lokhorst: "Van de karpers in de IJssel is 95 procent schubkarper. Spiegeltjes sterven langzaam maar zeker uit.‘‘
De Organisatie ter Verbetering van de Binnenvisserij (OVB), die valt onder het ministerie van landbouw en visserij, stelde met de KSN vast dat het zonder menselijk ingrijpen over en uit zou zijn voor de spiegelkarper. "Het werden er zo weinig dat de kans dat spiegeltjes met elkaar paaien zeer sterk was afgenomen‘‘, zegt Lokhorst. En om als variëteit te overleven, moet een spiegelkarper een andere spiegelkarper tegenkomen. Paaien met andere karpers kan wel, maar dan verdwijnen de typische spiegel-kenmerken en wordt het een gewone schubkarper, legt Lokhorst uit.
De spiegelkarper dankt zijn bestaan aan monniken die in Middeleeuwen karpers als voedsel kweekten. Daar kwam bij toeval de spiegel uit. "Het zou jammer zijn als die mooie gekweekte karper zou verdwijnen‘‘, vindt Lokhorst. Zo ver laat de KSN het dan ook niet komen. Op verschillende plekken in het land zetten afdelingen van de studiegroep jonge spiegelkarpers uit in de hoop dat de dieren het verder zelfstandig zullen redden.
Het project duurt vijf jaar. Binnen die periode worden 2.500 spiegelkarpers de IJssel in geloodst. Dat kost in totaal 42.000 gulden. Met behulp van subsidies komt de vis een heel eind. En, benadrukt Lokhorst, vooral door de inzet van vrijwilligers, karpervrienden pur sang.
Gisteren waren een man of twintig van de partij aan de oever van de IJssel in Zutphen. Ze moesten veel geduld hebben, want de vissen, die door de OVB werden aangevoerd vanuit kweekcentrum Valkenswaard, liepen door filevorming onderweg nogal wat vertraging op.
Toen ze eindelijk arriveerden, hadden ze bij elkaar een hele reis achter de rug. De karpers zijn gekweekt bij Dresden in Oost-Duitsland; vorige week zijn ze naar tussenstation Valkenswaard getransporteerd. Karpers worden in Nederland niet gekweekt, omdat de jonge visjes een te makkelijke prooi voor aalscholvers vormen.
Als de karpers eenmaal groter zijn gegroeid, zijn ze veilig voor aalscholvers. Nog niet voor de beroepsvissers, maar met hen zijn in het projectgebied goede afspraken gemaakt, zegt Lokhorst. "Ze hebben beloofd dat ze de spiegeltjes terugzetten.‘‘
Karpers kunnen tot 60 pond wegen en een leeftijd bereiken van 40 é 50 jaar (35 is heel gewoon). Bijzondere eigenschappen die de voorkeur van de KSN-leden voor de karper in het algemeen verklaren.
Spiegeltjes zijn nog specialer. "Elk individuele vis is apart te herkennen aan zijn schubbenpatroon. Vergelijk het met een irisscan, zo nauwkeurig is het‘‘, zegt Lokhorst. Voordat de spiegelkappers de IJssel ingaan, worden ze gemeten, gewogen en een voor een op de foto gezet. "Als we de vissen later nog eens tegenkomen, kunnen we meteen de gegevens erbij halen.‘‘ Dat levert dan informatie op waarmee de studiegroep zijn kennis van het spiegeltje verder kan vergroten. En - niet onbelangrijk - de bescherming verbeteren.

Met schepnetten worden de spiegelkarpers uit hun tijdelijke bassin
gehaald. (uitzetting Zwolle)

Meten en wegen van de spiegelkarpers.

Tot slot wordt er van iedere karper afzonderlijk een foto gemaakt met
de gegevens (lengte en gewicht) van de karper.