Oliën
Een olie kan men beschouwen als de vloeibare vorm van een vet. Ze worden normaal verkregen door destillatie of persing van dierlijk of plantaardige producten (vismeel, granen, zaden). Er wordt een onderscheid gemaakt tussen verzadigde en onverzadigde vetzuren, waarvan de laatste vooral van belang zijn voor ons. De opneembare onverzadigde vetzuren en bijbehorende hulpstoffen als fosfolipiden komen vooral voor in zuiver geraffineerde plantaardige oliën en lecithinesoorten. Men zegt wel eens: een vette karper, maar karpers hebben geen vetlaag en vissen in het algemeen bevatten minder verzadigde dan onverzadigde vetzuren. Waarom dan eigenlijk vetten en oliën toevoegen zult u zich afvragen? Op het eerste zicht lijkt het net zoals vitaminen en mineralen een nutteloos toevoegsel in onze mixen.
Wel, vet is de meest efficiënte energiebron die er is en energie is de levensbehoefte! Wanneer men een mix verrijkt met oliën en vetten hoeven karpers de eiwitten hiervoor niet aan te spreken, deze kunnen dan gebruikt worden voor groei en herstel van weefsel en spiermassa.
Een rijke maar gebalanceerde mix komt de karper dus meer ten goede dan een eenzijdige zelfs hoge proteïne mix. Over het normale vetgehalte in de karpervoeding durven de meningen nogal eens te verschillen. Velen geven 5 % als maximum aan terwijl anderen zelfs tot 8% durven te gaan. Algemeen wordt aangenomen dat er bij hogere watertemperaturen een hogere dosis kan aangewend worden. Dit verklaart voor een deel het succes van notenmixen in de zomerperiode. In de handel zijn er speciaal gemixte oliën te verkrijgen, vaak voorzien van een geurstof, bepaalde extracten of zelfs AZ combinaties.
Gewoonlijk vermeld men in de dosering hoeveel er mag toegevoegd worden per ei dat gebruikt word, bijv. 5 ml./ei. Voor een doorsnee mix kan dit misschien opgaan, maar zeker niet voor een mix waarvan de ingrediënten reeds zeer veel vetten bevatten zoals bijv.: hennepzaad, hondenvoer (15-21 %), vismeel (12 %), eieren (12 % vet), vette soyabloem, pindameel (52 %), volle melkpoeder (25 %). In dit geval is het natellen geblazen. Hou dit percentage wel even in de gaten want een overdosis oliën en vetten kan niet alleen nefast zijn voor goede resultaten maar kan eveneens schadelijk zijn voor de gezondheid van de karper. Vissen kunnen sterven door een overdosis vismeel/oliën wanneer ze volledig op dit aas overschakelen en weinig of geen natuurlijk voedsel tot hun beschikking hebben om dit te compenseren. Vismeel en oliën kunnen eveneens giftig worden bij een verkeerde behandeling, blootstellen aan warmte of aan lucht.
Daarom de oliën best bewaren in goed gesloten flessen op een donkere en koele plaats, in de koelkast indien mogelijk. De meeste oliën bevatten chemische bewaarmiddelen om oxidatie tegen te gaan en hun levensduur te verlengen. Goed gedroogde bollies die gedrenkt (gesoakt) worden in olie blijven hierdoor ook langer gevrijwaard van schimmel. De olie houdt tevens het vocht buiten. Heel anders is het gesteld met de vetten. In vele meelsoorten zijn zij aanwezig.
Zolang de zaden of granen niet vermalen zijn, zijn ze afhankelijk van de soort, soms jaren houdbaar. Vooral een goede behandeling na de oogst (droging) en een goede bewaring en opslag zijn hier van belang. In het verleden zijn er bijv. reeds meermaals problemen geweest met pinda's die giftig werden nadat ze aangetast waren door schimmel.
Wanneer ze vermalen worden valt hun natuurlijke bescherming helemaal weg en is de houdbaarheid beperkt afhankelijk van de verpakking en de opslag. Maak u hierover geen al te grote illusies, voor de meeste producten is de houdbaarheid beperkt tot enkele maanden. koop dus nooit meer dan u kunt verbruiken, liefst in een zaak met een redelijke omzet. Indien u dit niet kunt waarmaken, denk er dan eens ernstig over na om een 'kant en klaar' mix te gebruiken. Meestal is de omzet (en de versheid) hiervan veel groter, zodat er minder risico's worden gelopen. Nog een opmerking om mee af te sluiten: om de gezondheid van een karper niet te schaden bij het gebruik van extra oliën dient er steeds voldoende vit. F. voorhanden te zijn in de mix, dit om het eventuele overschot aan olie niet de kans te geven te oxideren op de darmwand. Dit kan spierdystrofie, gewichtsverlies en zelfs de dood tot gevolg hebben.
Tot zover de voor - en eventuele nadelen van oliën en vetten voor de vissen. Maar welke voordelen bieden ze ons visser? Op de eerste plaats is daar natuurlijk de attractie. Door het gebruik van speciaal voor de visserij samengestelde oliën kan men aan de bollie een persoonlijk tintje meegeven. Hierdoor kan succes op lange termijn worden geboekt. Een goede olie kan eveneens de smaak van een bollie verbeteren en de voedingswaarde verhogen. Een water kan 'overgenomen' worden wanneer er veel mee (in vismeelbollies) gevoerd word. Hoe warmer het water is, hoe effectiever de olie zal werken. In de winter moet je een 'winterised' olie gebruiken of emulsifiëren. Olie is nl. niet oplosbaar in water, men kan echter wel de druppeltjes verder afbreken door een emulsifer te gebruiken.
Hierdoor krijgt men een betere verspreiding in het water. Vele meelsoorten met een hoog vetgehalte hebben een laxerend effect. Nadeel is echter meestal dat ze eveneens verzadigend werken. Het gebruik van een weinig olie in de mix verbeterd vaak de rolbaarheid tijdens het maken van boilies.